De wespen

De wespen gebeurden in 1991.

Het was mijn tiende verjaardag. We waren allemaal in de achtertuin. Mijn vader stond worstjes en hamburgers te grillen op de barbecue. Mijn moeder was vrolijk. Er waren ooms en tantes op bezoek en ik was ook vrolijk, want ik had cadeautjes gehad.

De spanning die ik de week in aanloop naar mijn verjaardag voelde, was nu weg. Ik voelde me bevrijd en speelde met mijn zus en neef in de tuin.

Toen gebeurde het.

Mijn neef trapte een bal tegen de dakgoot van de schuur en er kwamen twee ballen terug naar beneden. De andere bal was grijs. Het was een wespennest.

Boze wespen vlogen naar buiten. Ze vielen mijn zus aan en begonnen haar te steken. Ze huilde van de pijn. Mijn moeder trok haar aan haar arm de tuin uit. Iedereen begon door elkaar te roepen en te rennen, terwijl de wespen zich over de tuin verspreiden.

Ik kon me niet bewegen. Ik keek naar de bulten die zich op de armen van mijn zus vormden.

Mijn vader duwde me bruut naar achteren en liep recht op het wespennest af.

Hij goot een fles spiritus leeg boven de grijze bal.

Kalmpjes liet hij zijn brandende sigaret erop vallen.

Een steekvlam laaide op, vlak langs zijn blote arm.

Brandende wespen vlogen uit het nest en terwijl mijn zus huilde en mijn moeder schreeuwde, draaide mijn vader zich naar me om, zakte door zijn knieën en zei: Verbrand alles dat pijn doet.

30 juni 2020

Een brief aan de burgemeester

Er staat een interview met Joop van den Ende in de krant. Hij blijkt alweer 78 te zijn.

Een tijdlang was ik fan van Joop van den Ende. Het hoogtepunt van die periode was in 1989. Joop van den Ende had toen verregaande plannen om TV10 op te richten. ‘Het sterrennet’ was de slogan. Alle grote sterren van de Nederlandse televisie gingen met Joop mee naar TV10: André van Duin, Ron Brandsteder, Henny Huisman, Jos Brink. Al deze sterren presenteerden grote spelshows bij de omroepen, zoals Wedden, dat..? en Ron’s Honeymoonquiz en de Surprise Show. Mijn ouders vonden al die shows verschrikkelijk. Ik keek ze allemaal. Op de zaterdagavonden dat ze werden uitgezonden, mocht ik een uur langer opblijven.

Ik was acht in 1989. TV10 zou nog veel meer van dit soort spelshows gaan uitzenden. Ik was extatisch van vreugde.

Maar toen kwam het bericht dat TV10 niet mocht uitzenden van de regering. Mijn ouders ontvingen een brief van de kabelmaatschappij met daarin de mededeling dat wij misschien gehoord hadden van de plannen van Joop van den Ende, maar dat zij de zender niet mochten toevoegen aan het zenderpakket.

In het nieuws hoorde ik dat alle sterren hun ontslag bij de omroepen al hadden gekregen. Die zaten nu allemaal zonder werk! Het leek erop dat er geen enkele spelshow meer uitgezonden ging worden. Ik was tot tranen toe teleurgesteld.

In een ultieme poging om het tij te keren, schreef ik een brief aan de burgemeester. Ik geloof dat het een idee was van mijn vader, maar dat weet ik niet zeker.

Ik dicteerde. Mijn vader schreef dat ik fan was van alle sterren van TV10 en dat ik het verschrikkelijk zou vinden als die niet meer op tv zouden komen. Ik deed de brief zelf in de brievenbus.

Een paar weken later kreeg ik een geprinte brief terug. Hij was van de burgemeester zelf. Hij schreef dat hij zelf ook fan was van André van Duin en dat hij mijn teleurstelling daarom goed begreep. Hij dacht wel dat de sterren vast en zeker ergens op televisie zouden terugkeren, maar niet bij TV10, want dat was een verloren zaak.

Een aantal maanden later keek ik naar André van Duin op RTL4. De burgemeester had gelijk gekregen. Alles kwam toch nog goed, behalve voor Joop van den Ende. Daar moet ik nu altijd aan denken als ik Joop van den Ende zie.

23 juni 2020

Een airco kopen op Marktplaats

Ik reed naar de Spaarndammerdijk om een mobiele airco te kopen.

Ik had contact gelegd met ene Rob op Marktplaats. Hij had twee mobiele airco’s te koop. Ze waren vorige zomer maar twee weken gebruikt. Nu deed hij ze voor de helft van de aankoopprijs weg, omdat hij een split-unit airco had gekocht. Het leek me bijna te goed om waar te zijn.

Nu heb ik inmiddels enige ervaring met handelen op Marktplaats, dus weet ik waar ik op moet letten.

Deze Rob had geen achternaam. Zijn telefoonnummer, e-mailadres en bankrekeningnummer waren niet geverifieerd door Marktplaats. Hij had geen enkele recensie van andere gebruikers. De beschrijving van zijn airco’s bestond uit twee korte regels tekst. En, opvallendst van allemaal: alle foto’s waren screenshots van Coolblue. Hij had geen enkele foto van de daadwerkelijke airco die hij verkocht online gezet.

Maar ik zag een koopje en wilde niet zo makkelijk opgeven.

Ik legde contact en vroeg of hij foto’s had van de airco’s die hij verkocht.

Hij reageerde onmiddellijk. Kan niet, zitten nog in doos.

Kon ik dan een foto zien van de doos? Om te zien dat ze echt zijn.

Nu duurde het wat langer voordat hij reageerde. Na vijf minuten dacht ik dat hij me in de steek had gelaten, omdat ik hem had betrapt.

Tien minuten later kreeg ik een foto van een enorme doos van Coolblue ergens in een gangpad.

Je hebt gelijk hoor, je kan niet voorzichtig genoeg zijn, meldde hij ook nog.

Dat vond ik verdacht klinken, maar dat ligt misschien aan mij.

Toen ik de foto uitvergrootte, dacht ik in de achtergrond een kantoor te ontwaren. Dat maakte de lage prijs en de in alle haast geschreven advertentie al iets waarschijnlijker.

Ik zei dat ik er een wilde kopen en vroeg zijn adres. Dat zocht ik op Google Maps en een klik later stond ik op de Spaarndammerdijk binnen in het accountantskantoor van iemand de Rob heette. Ik googelde zijn volledige naam en kreeg verschillende foto’s van Rob te zien. Hij stond nog net niet naast een airco.

De volgende dag reed ik naar Rob. Ik kocht de mobiele airco. Hij hielp me het loodzware ding in de auto te tillen. Als hij thuis onverhoopt niet meer werkte, moest ik maar een gil geven, dan kon hij een retourbon aanmaken. Fluitje van een cent, hij werkte immers op een administratiekantoor. Ha ha.

Hij zwaaide me uit, toen ik wegreed.

Die middag testte ik de airco. Hij deed het voortreffelijk. Ik gaf Rob zijn eerste vijfsterrenrecensie.

20 juni 2020

De club

Als ik veertig ben, word ik lid van de club.

Daar hoef ik niks voor te doen, behalve blijven leven tot ik veertig word.

Het lidmaatschap gaat in op de eerste werkdag na de dag waarop ik jarig ben.

Omdat ik op een maandag veertig word, krijg ik de dinsdag erna post. In een beige envelop zitten een pasje en een welkomstbrief.

‘Gefeliciteerd met uw veertigste verjaardag! Vanaf vandaag bent u lid van de club. In de bijgaande folder vindt u alle voordelen en kortingen die de club u biedt. Voor de algemene voorwaarden verwijzen we u naar onze site levenmetervaring.nl.’

De contributie wordt jaarlijks per automatische incasso geïncasseerd. Lidmaatschap wordt automatisch verlengd.

Opzeggen kan alleen schriftelijk. Met een briefje.

Als ik die dinsdag door de folder blader, voel ik me gelijk een onderdeel van de club.

Het gaat over pensioenfondsen, sporten, omgaan met pubers, elektrische auto’s, cursussen volgen zonder gêne en dat het onderhand tijd wordt om nu eindelijk eens iets goeds te doen voor de wereld.

Ik lees de folder helemaal door, omdat veel van deze onderwerpen me nu interesseren.

Als ik kijk naar de foto’s van andere clubleden, valt me op dat ze allemaal op elkaar lijken.

Als ik de teksten lees van andere clubleden en de club zelf, valt me op dat het allemaal nogal humorloos is.

Ik boek een ‘avontuurlijke wandelvakantie’ via de club.

Elk jaar organiseert de club een grote bijeenkomst voor al zijn leden in een willekeurig beursgebouw in het land. Er zijn sprekers, verkopers, proeflessen en shows. Het gaat op die bijeenkomsten veel over hobby’s en geld.

Er zijn ook openbare discussies tussen vooraanstaande clubleden die debatteren over de onzekere toekomst van de club en hoe we als club relevant kunnen blijven in tijden die steeds sneller veranderen.

Veel leden hebben een hekel aan verandering. ‘Het gaat allemaal zo snel,’ zeggen ze dan.

Het thema van de bijeenkomsten is elk jaar hetzelfde: De status quo is zo! Dat staat op de banners en spandoeken die overal hangen. Naast de tekst staat een plaatje van een opgestoken duim.

Ik heb geen hekel aan verandering, maar het moet niet te snel gaan.

Ik vind het fijn om lid te zijn van de club.

Eerst was het even wennen. Eerst dacht ik: dit zijn geen mensen waar ik bij wil horen. Ik vond het in het begin moeilijk dat iedereen zo humorloos is.

Maar als een paar jaar lid ben, begin ik te begrijpen dat het geen gebrek aan humor is, maar een ander soort humor. Wat voor soort humor dat precies is, is moeilijk uit te leggen aan mensen die geen lid zijn van de club.

Onze humor is subtieler, dieper, doorleefder, ironischer, gespeend van platitudes uiteraard, en op de een of andere manier altijd geïnformeerd door het besef dat niets, maar dan ook echt helemaal niets in deze wereld gevrijwaard is van corrosie.

Dijenkletsers zijn dat niet, nee. Maar dat willen we ook niet.

Mensen die geen lid zijn van de club begrijpen dat vaak niet.

Soms moet ik aan mensen in mijn omgeving die nog geen veertig zijn, uitleggen dat ik lid ben van de club. Dan zeggen ze dat ze wel eens van die club gehoord hebben, maar niet precies weten wat het voorstelt.

Ik zeg dan altijd dat het een beetje hetzelfde is als de 27-club.

Weet je wel? Dat is die club van muzikanten die op hun zevenentwintigste overlijden, meestal aan de gevolgen van overmatig drugs- of alcoholgebruik. Jimi Hendrix, Kurt Cobain, Amy Winehouse.

Het verschil is dat wij juist doorleven.

En door en door en door.

Soms ook met overmatig alcoholgebruik, maar dan niet zo overmatig dat het ons fataal wordt. We zijn niet voor niets veertig geworden.

Die mensen vragen dan altijd of het leuk is om lid te zijn van de club.

Ik zeg dan ik er heel tevreden over ben.

13 juni 2020

Veertig

Volgend jaar word ik veertig en dan leef ik de rest van mijn leven in omgekeerde volgorde.

De dag na mijn verjaardag ben ik een beetje somber, net als de dag ervoor. Nu niet om het vooruitzicht dat ik veertig ga worden, maar om de teleurstelling dat er niks is veranderd.

De dagen daarna verdwijnt dat gevoel weer, omdat ik afgeleid ben door werk, gezin en het warme weer, net als de dagen ervoor.

In de maanden na mijn veertigste verjaardag, zit ik met dezelfde vrienden in hetzelfde café. We drinken dezelfde drankjes. We roddelen over dezelfde mensen.

Een half jaar na mijn veertigste verjaardag stelt mijn zoon mij opnieuw de vraag: Eten leeuwen frikadellen? Ik geef hetzelfde antwoord als precies een jaar eerder: Dat ligt aan de leeuw.

Als ik eenenveertig word, vier ik een niks-aan-de-hand-feestje, net als toen ik negenendertig werd.

Een paar maanden later breekt er een wereldwijde pandemie uit, net als een paar maanden voor mijn negenendertigste verjaardag. Ondanks alles, hervind ik ook in deze pandemie mijn inspiratie.

Als ik vierenveertig ben, loop ik een marathon, maar dan achteruit.

Ik verander van baan, net als zeven jaar eerder.

Eind veertig gebeurt er van alles tegelijk in mijn leven, net als begin dertig: sterfgevallen, geboortes, huwelijken en ziektes. Ik krijg weer last van het gevoel dat ik geleefd word, dat ik zelf helemaal geen controle heb over de dingen die gebeuren, dat ogenschijnlijke keuzes al lang vastliggen, dat het leven zo geprogrammeerd is, dat er domweg een algoritme wordt afgewerkt.

Ik verlies een ouder, net als twintig jaar eerder.

Ik begin weer met muziek maken, om alles te verwerken, net als toen.

Ik stop weer met muziek maken, omdat ik daar eenzaam van word, net als toen.

Ik ontmoet een persoon die de rest van mijn leven zal veranderen, net als toen.

Alcohol wordt een probleem op mijn drieënvijftigste, net als op mijn zevenentwintigste.

Ik krijg het gevoel dat ik de ontwikkelingen minder goed kan bijhouden. Technische, sociale en maatschappelijke veranderingen gaan steeds sneller. Dat wil zeggen: ik snap ze steeds minder.

Op mijn vijfenvijftigste ben ik weer alleen met Irene, net als op mijn vijfentwintigste. We groeien opnieuw naar elkaar toe. We experimenteren. We leren elkaar beter kennen. We gaan op wandelvakantie, net als in 2006, naar het Rothaargebergte in Duitsland. Het Rothaargebergte in Duitsland blijkt in dertig jaar niet veranderd. Irene ziet er nog even aantrekkelijk uit als toen.

We verhuizen terug naar een huis voor ons tweeën. We kopen samen een nieuw, kleiner bed.

Als ik zestig ben, besluit ik een studie te volgen. Dat doe ik om de verveling tegen te gaan, die steeds meer de vorm van een existentiële leegte krijgt. Precies zoals toen ik twintig was.

Een jaar later krijg ik last van angstaanvallen, precies zoals toen ik negentien was.

Ik word ouder en ik voel me in toenemende mate angstig en verward, net als in mijn tienerjaren.

De eerste dag van mijn pensioen is exact even beangstigend als de eerste dag van de middelbare school. Ik voel me alleen en nietig en ongeschikt voor het leven.

Nog ouder. Dagen duren korter. Ik raak soms de draad kwijt en mensen praten tegen me alsof ik een kind ben.

Mijn zoon moet me helpen met een computerprogramma, net als ooit mijn vader.

Soms moet ik zonder reden huilen als mijn dochter me knuffelt. Mijn dochter doet me denken aan mijn moeder.

Ik word verdomme zelfs kleiner. Osteoporose, zegt de dokter.

Steeds vaker zit ik bij huisartsen en dokters, net als aan het begin van mijn leven.

Ik mag niet meer alleen naar de dokter. Ik word er heen gereden.

In auto’s zit ik niet meer voorin, maar weer op achterbanken.

Ik lees minder en langzamer.

Mensen zeggen dat ik vaker naar buiten moet. Mensen zijn bang dat ik vereenzaam, dat ik een einzelgänger word. Ik moet denken aan al die keren dat mijn ouders dat tegen me zeiden.

Alles wat ik heb geleerd, zal ik ook weer moeten vergeten.

Ik ga verder achteruit. Ik haal jaartallen en leeftijden door elkaar.

Nog ouder. Dagen duren nog korter. Ik ben alleen nog maar gefocust op mijn geliefden. Waar zijn ze nu? Wanneer hebben ze aandacht voor me? Ik word ongerust als ik niemand zie.

Ik ga weer luiers dragen. Ik merk het amper.

Mijn wereld krimpt. Ik zoek naar woorden. Ik word gelukkig van het kleinste gebaar.

Ik slaap steeds meer. Lopen lukt niet meer.

Ik kijk naar buiten in stille verwondering. Alles komt tot stilstand.

Geliefden communiceren alleen nog met aanrakingen.

Ik zie hun monden bewegen, maar hoor enkel muziek.

Ik fantaseer over een moment dat nu heel dichtbij is. Een moment waarop het is alsof ik door een spiegel loop, waarna de onverbiddelijke achteruitgang stopt en verandert in zijn tegendeel. Een moment waarop ik, na de aanvankelijke pijn, weer begin te groeien, lichamelijk en geestelijk, elk jaar een beetje groter. Ik weet dat het niet waar is, maar stel me voor dat het leven zo geprogrammeerd is. Als ik dat doe, ben ik niet meer bang.

9 juni 2020

Waar is de motivatie gebleven?

Het lukt me al een paar weken niet meer om vroeg op te staan. De wekker stond nog wel op half zes. Maar als het zover was, dan zette ik hem uit en sliep verder.

Gisteren heb ik de wekker helemaal uitgezet.

Aha, die bevlieging is ook weer afgelopen, zei Irene.

Dat zei ze niet echt, maar ik stelde me voor dat ze het zei.

Experiment mislukt?

Ik denk het niet. Experimenten kunnen niet mislukken. Elke uitkomst, zelfs geen uitkomst, is even waardevol.

Ik heb veel geleerd over mezelf door drie maanden vroeg opstaan.

Ik weet nu dat ik het kan, en dat ik het zo weer kan doen.

Motivatie is kwestie van positief blijven denken.

6 juni 2020

Een loodgieter bellen

De loodgieter kwam. Hij zag dat het slecht was en ging weer weg.

We hebben een lekkage in de badkamer. Al ruim half jaar is dat aan de gang. Eerst was het een vochtig plekje in het plafond. Toen een wat grotere vochtplek. Toen trok het weer weg en slaakten wij een zucht van verlichting.

Vals alarm.

Toen kwam de vlek weer terug.

O, nee, de vlek is weer terug, zei ik tegen Irene, toen ik van de winter mijn tanden stond te poetsen en omhoog keek. O, nee, zei Irene.

Ik ging met de bovenbuurman praten en we concludeerden dat de afvoer van zijn wastafel lek is. Die zit weggewerkt in de muur. We spraken af dat ik een loodgieter zou bellen, zodra het erger wordt.

De weken daarna werd de vlek groter en groter en bereikte de muur.

Misschien moet ik een loodgieter bellen, zei ik tegen Irene, maar ik deed niks.

De muurtegels die aan de vlek raakten, begonnen te verkleuren.

Ik ga een loodgieter bellen, zei ik, maar ik deed niks.

In april begonnen zich druppels te vormen op de vlek waar ooit de kleine vlek begon.

Ga je die loodgieter nog bellen? vroeg Irene. Ik deed niks.

In mei voelde ik druppels op mijn hoofd vallen, toen ik mijn tanden stond te poetsen.

Een week later kwam er af en toe een straaltje water uit het plafond. Als ik mijn tanden niet stond te poetsen, landde dat precies in onze wastafel, dus dat was mooi.

Er ontstonden zwarte plekken op het plafond.

Ik belde twee keer naar een loodgieter.

Die nam niet op.

Ik belde een andere loodgieter. We maakten een afspraak. Ik stuurde alvast wat foto’s en het antwoord van de loodgieter was: Oei, dat ziet er tricky uit. We gaan het zien.

De loodgieter kwam twee weken later, ging bij mijn bovenbuurman kijken, en zag dat het inderdaad tricky was. Ze moesten later terugkomen met lekdetectieapparatuur. Ze moesten gaan breken. Die wastafel moest losgebroken worden. Misschien moesten ze de grond openboren.

Zowel ik als mijn bovenbuurman vertrouwden het niet. Dit was overdreven voor een afvoerlek. De vage, racistische opmerkingen over mijn Turkse bovenbuurman die de loodgieter tegen mij maakte, hielpen ook niet het vertrouwen te winnen. We zeiden de samenwerking op.

Mijn bovenbuurman beloofde dat ze het kraantje niet meer zouden gebruiken. Ondertussen zou hij een nieuwe loodgieter bellen.

Hij deed nog niks.


Ik ben begonnen met Betering, een nieuwe blog met persoonlijke verhalen over geld. Het nieuwste bericht gaat de mythe van passief inkomen en wat een goed alternatief is.

29 mei 2020

Minecraft leren spelen

Mijn zoon heeft Minecraft ontdekt.

Minecraft is een van de meeste verslavende computerspellen ooit gemaakt, las ik ergens op internet. Minecraft is leuk, educatief en verbetert de schoolprestaties, las ik elders op hetzelfde internet.

Ik kende Minecraft wel, maar ik had het nog nooit gespeeld. Ik vroeg me af wat het doel van het spel was.

Dat blijkt er niet te zijn.

Eerst liet ik Fabian maar wat aanrommelen. Maar verder dan een hol in een rots graven, kwam hij niet. Het spel geeft ook geen uitleg als je begint. Hij raakte gefrustreerd.

Ik neem mijn vaderlijke taak serieus, dus ik googelde op mijn werk: Minecraft tutorial, en keek een uur aandachtig naar Minecraftfilmpjes. Ik leerde hoe je hout moet verzamelen en steen en hoe je daarvan gereedschap, grondstoffen en wapens kan maken. Ik leerde ook een fornuis bouwen, waarop je vlees kan klaarmaken.

Ik deelde deze informatie met Irene, zodat we allebei goed beslagen ten ijs konden komen.

Van rot vlees en een houten stok kan je een speciaal zwaard tegen zombies maken, vertelde ik haar de volgende dag. Leuk toch?

Ik had me nog wat verder ingelezen in het dossier.

Dat leek haar inderdaad handig. Ze had Fabian geholpen en hij had een houten zwaard gemaakt, maar dat was afgepakt door een zombie en toen was hij ontroostbaar.

We moeten op zoek naar een diamanten zwaard, zei ik.

Eerst een goed huis bouwen met een dak, zei Irene.

Ik zocht meteen op YouTube naar instructies. Ik vond een filmpje waarin iemand in twintig minuten een enorme houten bungalow neerzet, compleet met smaakvolle inrichting.

Ik kon niet wachten om te beginnen.

26 mei 2020

Een waterbaan in de woonkamer

Het regende, dus nu konden wij naar het strand.

We waren toch al in de buurt. We waren met zijn vieren naar Haarlem gereden om een tweedehands waterbaan op te halen. Het was zondagmiddag half twee. Wat konden we anders doen in Haarlem?

Ik reed naar het parkeerterrein tussen Zandvoort en Bloemendaal aan Zee. Mijn dochter was in slaap gevallen. Ik bleef met haar in de auto zitten, terwijl Irene en Fabian vanaf de duinen naar de tientallen kitesurfers keken. Ze kwamen terug met kibbeling en haring en frietjes voor de kinderen. We aten alles in de auto op.

Het lijkt wel vakantie, zei Fabian.

Ik keek nog een keer naar de hoge golven en reed toen naar huis.

De kinderen speelden de rest van de middag met de waterbaan in de woonkamer.

25 mei 2020

Een verkeerd verzonden e-mail

Ik kreeg gisterenavond een verkeerd verzonden e-mail. De e-mail was niet voor mij bedoeld. Tenminste, dat denk ik. Ik ken de afzender niet en ook de andere geadresseerden niet.

Het was een uitnodiging voor een bingo.

‘Hier is de nieuwe Zoomlink voor de bingo van morgenmiddag,’ las ik.

‘We hoeven niet op de tijd te letten, want er zit geen tijdsbeperking op deze sessie. We hebben er zin in!’

Ik kreeg er ook zin in.

Vroeger vond ik bingo geweldig. Ik herinner me nog levendig een bingo-avond in het activiteitenhuis in Ponypark Slagharen, toen we daar een week op vakantie waren. Ik was negen of tien. Ik won een prijs en moest die ten overstaan van honderden mensen (zo herinner ik het me althans) ophalen bij de presentator.

De zenuwen, de trots, de blijdschap, ik denk niet dat ik het ooit zal vergeten.

Wat de prijs was, weet ik niet meer.

Bingo via een videoverbinding is anders. Dan mis je dat moment dat je je prijs moet ophalen ten overstaan van alle verliezers.

Dat is nu juist het beste moment.

Ik denk niet dat ik straks inlog.

24 mei 2020